Christen zijn in Nederland – ieder voor zich of ook samen?

‘Jullie zijn het zout in deze wereld. Jullie zijn het licht in deze wereld. Jullie moeten een licht zijn en schijnen voor alle mensen. Dan zien ze de goede dingen die jullie doen. En dan zullen ze jullie hemelse Vader eren.’ Dat zegt Jezus in Matteüs 5:13-16 tegen zijn volgelingen. Maar geldt dit alleen maar voor iedere christen persoonlijk? Of mag je het ook breder trekken en zeggen dat het geldt voor christelijke organisaties en voor de manier waarop we samen kerk zijn in Nederland?

Mij is de afgelopen tijd opgevallen dat veel christenen wat huiverig zijn als het over dat laatste gaat. Meestal om twee redenen. De eerste is: als je als christenen een eigen organisatie opricht, sluit je andere mensen buiten en vind je jezelf beter dan de ander. De tweede is: als christen kun je meer uitstralen naar je medemensen als je samen met hen in algemene organisaties samenwerkt.

Ik snap die tegenstelling niet zo goed. Als je als christen persoonlijk laat zien dat je in heel je manier van leven een voorbeeld aan Jezus neemt, dan mag je dat toch ook samen doen als er meer christenen zijn die op dezelfde manier in het leven staan?

Ik denk dat juist door de manier waarop christenen zich georganiseerd hebben in de samenleving, er een heleboel goede ontwikkelingen tot stand gekomen zijn. Dat begon al in Jeruzalem met de voedselbank voor arme weduwen. In de eerste eeuwen na Christus stonden de christenen in het Romeinse rijk bekend om hun praktische naastenliefde. Daarna hebben rondreizende predikers als Bonifatius en Willibrord en veel monniken ervoor gezorgd dat in Europa niet meer het recht van de sterkste gold (zoals bij de Germanen en de Angelsaksen), maar een door het christendom gestempelde cultuur ontstond waarin weeshuizen, ziekenhuizen, instellingen voor mensen met lichamelijke of verstandelijke beperkingen en opvangtehuizen voor mensen met psychische problemen of verslavingen ontstonden. Op het gebied van het onderwijs zag je hetzelfde – tot in 1800 zag de overheid er op toe dat het openbaar onderwijs een christelijk karakter had, daarna namen christenen zelf hun verantwoordelijkheid door scholen met de Bijbel op te richten en een Vrije Universiteit te stichten.

Waarom vindt een aantal christenen dat niet meer van deze tijd? Alsof je alleen maar individueel christen kunt zijn onze maatschappij. Is het niet zo, dat ons land behoorlijk gestempeld is door de christelijke culturele traditie, zelfs al gelooft meer dan de helft van onze bevolking niet meer in God en Jezus? Is het verkeerd om als christenen een signaal af te geven over waar het in de christelijke traditie echt om gaat (barmhartigheid en de moraal van de Bergrede) tegenover populisten als Geert Wilders en Thierry Baudet en tegen alle rechts-liberalen die daar tegen aan schurken die aldoor roepen dat we onze christelijke cultuur moeten beschermen tegen buitenlanders die de sharia willen invoeren? (Zie het Manifest van Alain Verheij en anderen). Voelen christenen zich moreel beter dan anderen als ze hun kinderen graag een goede basis mee willen geven door in de opvoeding een duidelijke koppeling aan te brengen tussen het gelovige gezin, de christelijke kerk en de gereformeerde school? Gaan christelijke instellingen als De Hoop, Leger des Heils en VBOK exclusief te werk door alleen mede-gelovigen die in diepe nood zitten te helpen? Behartigen de christelijke politieke partijen alleen de belangen van hun gelovige achterban? Wilden omroeporganisaties als KRO en NCRV vroeger en EO vandaag alleen maar zieltjes winnen met hun christelijke programma’s? Oftewel: zijn al die activiteiten schadelijk geweest voor het geloof van christenen en voor het imago van de kerk en is onze samenleving door heel dat christelijke groepsgebeuren er alleen maar slechter van geworden? Volgens mij is de vraag stellen ‘m beantwoorden.

Waar komt de angst dan wel vandaan? Ik denk a) vanuit wat we allemaal in het verleden hebben gezien en gehoord over machtsmisbruik en exclusivisme. Er is ook in christelijke kringen veel mis gegaan. Maar misbruik heft het goede gebruik niet op, heb ik in Kampen van mijn hoogleraar ethiek J. Douma geleerd. Sterker nog: in de Bijbel worden zulke mechanismen van macht en status voortdurend aan de kaak gesteld door God, en laat Jezus zien dat Hij juist níet op handen gedragen wil worden, maar gekomen is om te dienen. Een tweede reden voor de angst om samen als christenen op te trekken is denk ik b) het postmoderne denken waarin elke keus een individuele beslissing wordt die je een ander beslist niet mag opleggen, zelfs niet in de manier waarop je denkt dat we samen het christelijk geloof het beste vorm kunnen geven in het leven van elke dag. Ieder moet dat namelijk op z’n eigen manier mogen invullen. Het gekke is dan trouwens, dat wie voor een herkenbaar christelijke vorm kiest, door veel vrij-denkende mensen opeens argwanend wordt aangekeken om z’n fundamentalistische standpunten. Je mag blijkbaar alleen jezelf zijn zolang de meerderheid van de samenleving dat acceptabel vindt.

Hoe dan ook … ik denk dat het geen oplossing om de invloed van de christelijke cultuur te ontkennen of om christelijke organisaties van hun religieuze veren te ontdoen of om, helemaal radikaal, het christelijk geloof de rug toe te keren. Het is veel beter om persoonlijk én samen terug te keren naar het voorbeeld en de woorden van Jezus Christus. Hij leert mensen om niet voor eigen roem en eer te gaan, maar om het belang van de ander voorop te stellen. Volgens mij is het te kort door de bocht om te zeggen dat dat alleen de taak is van individuele christenen in hun eigen omgeving. Het is ook de opdracht van christenen samen op allerlei terreinen in de maatschappij. Het is ook vandaag nog steeds én – én. Ook al is de volgorde omgekeerd. Tenminste … in de Heidelbergse Catechismus wordt gezegd gezegd dat de kerk een gemeenschap der heiligen is, waar de gelovigen ‘allen samen en ieder persoonlijk’ aan Christus verbonden zijn (Zondag 21:55) en waar Christus aan de gelovigen, ‘allen samen en ieder persoonlijk’ laat verkondigen dat er dankzij Hem vergeving van zonden en eeuwig leven is (Zondag 31:84). Die volgorde paste bij de tijd van de Reformatie: eerst het collectief, dan het individu. Onze postmoderne samenleving heeft die volgorde omgedraaid. Dat is niet erg, als je beide maar blijft zien. We zijn als christenen ieder persoonlijk en allen samen zout en licht – smaakmakers voor de wereld waar we in leven en verspreiders van hoop in onzekere tijden.

 

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s