Mannen en vrouwen rond Goede Vrijdag en Pasen

Soms schaam ik mij voor mijn man-zijn. Bijvoorbeeld als ik kijk naar de posities die mannen en vrouwen innemen rond het lijden en sterven en de opstanding van onze Heer Jezus Christus.

In heel de lijdensgeschiedenis van Jezus spelen mannen een negatieve rol.

De haat van de Farizeeën; het verraad van Judas; de grootspraak en de val van Petrus; de kromme rechtspraak van Pilatus; de manipulatie van de gewone man; de wreedheid van Romeinse soldaten; de angst en het ongeloof van de apostelen.

Vrouwen daarentegen tonen keer op keer hun menselijk gevoel voor Jezus.

Pasen open graf vrouwenDe vrouw van Pilatus, Claudia, neemt het voor Jezus op; langs de Via Dolorosa zijn het vrouwen die om het lot van Jezus huilen; bij de kruisiging kijken veel vrouwen van een afstand toe; op de vroege Paasmorgen gaan de beide Maria’s, Johanna, Salome en nog een paar andere vrouwen naar het graf toe om Jezus de laatste eer te bewijzen; de allereerste persoon aan wie Jezus Zich na zijn opstanding levend en wel vertoond is Maria van Magdala.

Uit alles blijkt, hoeveel liefde en compassie die vele vrouwen hadden voor Jezus. Kunnen vrouwen dat beter opbrengen dan mannen? Schamen zij zich er minder voor om dat openlijk te tonen? Durven vrouwen eerder voor hun geloof in Jezus uit te komen?

Waarom hebben mannen dat niet? Waarom moeten mannen altijd stoer zijn? Waarom spreken mannen altijd van die grote woorden? Waarom denken mannen dat zij zich altijd zo nodig moeten bewijzen? Waarom willen mannen altijd een bepaald beeld in stand houden? Waarom durven mannen nooit hun kwetsbaarheid te tonen? Waarom kunnen mannen zo moeilijk hun gevoelens laten zien?

Rond Goede Vrijdag en Pasen hoeven vrouwen zich niet te schamen. Mannen wel. Ja, ik schaam mij in deze week voor mijn man-zijn. Als het om geloven gaat, kan ik nog veel van vrouwen leren.

 

In het Gereformeerd Kerkboek staat het lied ‘Buiten de poort heeft Jezus geleden’ van Anka Brands (tekst) en Luit Doornbos (melodie). Het is oorspronkelijk verscheen in de bundel ‘Een lied voor Jeruzalem’.

Refrein
Buiten de poort heeft Jezus geleden, buiten de poort de kruisweg betreden.
Buiten de poort komt Gods toorn op Hem af; maakt Hij zijn kinderen vrij van de straf.
Vers 1
Hoor! Kind’ren zingen in hun spel: Gezegend Davids grote Zoon,
die nu op weg is naar zijn troon. Hij is de Vorst van Israël!
Vers 2
Maar boze mannen schreeuwen luid: Zo’n koning is ons niet veel waard.
Wat is een koning zonder zwaard! Kruis hem, stuur hem de poort maar uit.
Vers 3
En vrouwen klagen luid en lang. Maar Jezus weert die schrale troost:
Ween om u zelf en om uw kroost. Hij draagt zijn kruis en gaat zijn gang.
Vers 4
Uit kindermond bereidt God eer. Zelfs Jezus haters staan verstomd,
wanneer de lof van kind’ren komt. Hoe heerlijk is uw naam, o Heer.

 

Advertenties

Witte Donderdag: Jezus biddend op weg naar het kruis

Hoe ging Jezus, onze Heer, in de laatste 24 uur zijn lijden tegemoet? Lukas laat in zijn evangelie zien, dat Jezus op de avond vóór zijn kruisiging Zelf gebeden heeft én zijn leerlingen opgeroepen heeft om te bidden.

Jezus bidt Zelf voor drie dingen.

Allereerst voor Petrus: ‘Ik heb voor je gebeden opdat je geloof niet zou bezwijken.’ (Lukas 23:32) Dat gebed is hard nodig, want Petrus leed aan een ernstige vorm van zelfoverschatting als het om geloven gaat. Daarin staat hij symbool voor alle christenen. De duivel hoeft maar even te schudden of ons geloof valt om. Maar er is één die ons vasthoudt: Jezus Zelf. Hij bidt nog steeds 24 uur per dag voor al Gods kinderen.

Getsemane Jezus bidt 2Even later bidt Jezus voor Zichzelf: ‘Vader, als U het wilt, neem dan deze beker van mij weg. Maar laat niet wat ik wil, maar wat U wilt gebeuren.’ (Lukas 23:42) Hier bidt Jezus om ‘plan B’. Waarom? Omdat Hij geweldig opziet tegen wat binnen 24 uur komen gaat: aan het kruis krijgt Hij de woede van God over de zonde van heel de mensheid over Zich heen. Dat deed Hij niet zomaar eventjes omdat Hij toch de Zoon van God is. Integendeel, hoe dichter het bijkomt, hoe meer de angst Jezus naar de keel grijpt. Toch bidt Hij niet opstandig. Hij eist geen andere oplossing. Hij dwingt en dramt niet bij zijn Vader. Hij vraagt het eerbiedig. Zelfs in het moeilijkste moment van zijn leven, daar in de tuin van Getsémane, is Christus nog op onze redding uit. Maar Hij wankelt en deinst terug. Als het maar even anders zou kunnen, Vader, dan graag!

Uit de hemel verscheen Hem een engel om Hem kracht te geven. (Lukas 23:43) Die engel is het antwoord op de vraag van Jezus aan zijn hemelse Vader. Het antwoord betekent een ‘nee’. Er komt geen ‘plan B’. Het verzoek is afgewezen. God verandert zijn plan niet. “Nee, mijn Zoon, mijn recht tegenover al die zondige mensen kan alleen zijn be­loop krijgen, als Jíj als Middelaar die beker van mijn toorn tot op de bodem leeg­drinkt. Je moet door, mijn Zoon, en daarom ontvang Je kracht van deze engel.”

Daarna bidt Jezus voor de derde keer. Nu pas staat Hij echt doodsangsten uit. Want Hij weet: het verlossingsplan dat Ze met hun Drieën bedacht hebben, gaat door. Maar hoe kan Hij dat dragen? Die eeuwige Godverlatenheid aan het kruis? Dus bidt Jezus vurig en intens tot God. Een innerlijke worsteling die zijn weerga niet kent. Bloed, zweet en tranen. Een gebed om de moed te verzamelen die zelfs Hij, onze Verlosser, als mens niet uit Zichzelf kan halen. Biddend vindt onze Heiland rust en ontvangt Hij kracht. De kracht die de engel beloofd had. Dat is de kracht van de Heilige Geest. Die trekt Jezus over de streep trekt. Na zijn gebed kan Hij rustig opstaan en zijn leerlingen wakker maken. En gaat onze Heiland, zeker van de overwinning, op het einddoel af. Als Petrus met zijn zwaard begint te zwaaien en Mal­chus het oor eraf slaat, verbiedt Jezus hem dat en zegt: ’Zou Ik de beker, die de Vader Mij gegeven heeft, niet drinken?’ (Johannes 18:11) Jezus Christus heeft zijn taak op zich genomen. Hij gaat vrijwillig de dood tegemoet. Hij laat vrijwillig zijn bloed vloeien. Hij geeft vrijwillig zijn leven. Voor jou. Voor mij. Voor alle mensen.

Tegelijk roept Jezus zijn leerlingen op om ook zelf te bidden: ‘Bid dat jullie niet in beproeving komen.’ (Lukas 23:40+46) Twee keer zegt Hij dat. Vlak vóórdat Hij Zelf zo intens gaat bidden. En meteen daarna, als Hij de leerlingen slapend aantreft. Ze zijn van verdriet in slaap gevallen. Verdriet slaat mensen lam. Zelfs bidden lukt dan niet meer. Wij kunnen, als het er echt op aankomt, God niet vasthouden. Het moet echt van één kant komen: ‘Christus Jezus is in de wereld gekomen om zondaars te redden.’ (1 Timoteüs 2:15) Hij kwam, Hij leed, Hij overwon.

Elk jaar gedenken en vieren we dat als christenen. Diep verwonderd en enorm dankbaar. Wat is Jezus, onze Heer, ontzettend diep gegaan. Met maar één doel: om ons weer met God te verzoenen.

Daar juicht geen toon, daar klinkt geen stem

Pasen Daar juicht een toon shirtNiet meer in de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt) tenminste. Want dit prachtige Paaslied is uit de nieuwste editie van het Gereformeerd Kerkboek verdwenen. In de nieuwsbrief van 20 maart 2018 geeft het Steunpunt Liturgie aan, dat een aantal vertrouwde Paasliederen gelukkig nog wel in een andere jasje te vinden zijn in het nieuwe Liedboek dat in 2013 uitkwam. Dat Liedboek is leidend voor onze kerkdiensten en in het Gereformeerd Kerkboek staan alleen nog maar de gezangen die niet in het Liedboek staan, maar die we toch waardevol genoeg vinden om te blijven zingen.

Op zich een goed streven. Maar kun je van Daar juicht een toon, daar klinkt een stem met droge ogen zeggen, dat je het oude Gezang 95 nu kunt vinden “in het Liedboek 637, de bekende melodie met een nieuwe tekst van André Troost”? Kijk en vergelijk zelf:

Gezang 95 – Daar juicht een toon, daar klinkt een stem

1/ Daar juicht een toon, daar klinkt een stem, die galmt door gans Jeruzalem; een heerlijk morgenlicht breekt aan, de Zoon van God is opgestaan!

2/ Geen graf hield Davids Zoon omkneld; Hij overwon, die sterke Held. Hij steeg uit ’t graf door eigen kracht, want Hij is God, bekleed met macht!

3/ Nu jaagt de dood geen angst meer aan, want alles, alles is voldaan! Wie in geloof op Jezus ziet, die vreest voor dood en helle niet.

4/ Want nu de Heer is opgestaan, nu vangt het nieuwe leven aan: een leven door zijn dood bereid, een leven tot in eeuwigheid.

Liedboek 637 – O vlam van Pasen, steek ons aan

1/ O vlam van Pasen, steek ons aan, de Heer is waarlijk opgestaan! De Zoon, die voor geen zonde zwicht, de Zoon is als de zon, zo licht!

2/ De Vader laat niet in het graf een kind dat zoveel vreugde gaf, Hij tilt het uit de kille grond – het loopt als vuur de wereld rond.

3/ De oude nacht voorgoed gedood, de toekomst kleurt de morgen rood; ziehier hoe God vergevend is en hoe zijn liefde levend is.

4/ Ziehier het licht van lange duur, ziehier de Zoon, de zon, het vuur; o vlam van Pasen, steek ons aan – de Heer is waarlijk opgestaan!

Ik vind het niet alleen raar, maar vooral zorgelijk dat we als GKV-kerken officieel ‘O vlam van Pasen, steek ons aan’ in de maag gesplitst krijgen als vervanging van ‘Daar juicht een toon, daar klinkt een stem’.

VERVAGENDE GELOOFSTAAL

Waarom zorgelijk? Omdat ik een tendens zie om alles wat met het christelijk geloof te maken heeft, te vervagen tot symbolische omschrijvingen. Voor mij betekent Pasen dat Jezus als de Zoon van God levend en wel uit het graf is opgestaan. Wat er met Pasen gebeurd is, is werkelijkheid. En daar mag je, als christen, heel konkreet van zingen. En dat doe ik ook als ik de vier verzen van ’Daar juicht een toon, daar klinkt een stem’ zing.

Maar wat ik vaak om me heen zie is, dat het christelijk geloof omschreven wordt in symbolische woorden. Dat klinkt goed, maar het wordt vaag. Er wordt minder gesproken over God als onze hemelse Vader, over Jezus als onze Redder en Heer en over de hemel en de nieuwe aarde als onze bestemming. Het gaat veel meer over de Eeuwige die ons opneemt in de oceaan van zijn liefde en die ons in Jezus inspireert tot een zinvol leven, omdat Hij het licht van lange duur en de zon en het vuur is, de vlam van Pasen die ons aansteekt, het bewijs dat Gods liefde levend en blijvend is. Prachtige beeldspraak. Poëtische taal. En daar is op zich niets mis mee.

Maar het is ook erg algemeen. En dus erg vaag. Je kunt er alle kanten mee uit. En iedereen kan zich er wel in vinden. Maar daarmee worden de feiten rond Pasen minder belangrijk. Het maakt niet uit hoe je het interpreteert, letterlijk of symbolisch. Als je maar gelooft dat er iets gebeurd is met Pasen waardoor mensen zich tot op de dag van vandaag motiveren laten.

Kijk, dat vind ik zorgelijk. Want in de Bijbel staat iets heel anders: Christus is opgestaan uit de dood. Als dat niet werkelijk waar is, is de dood niet overwonnen, is onze schuld niet betaald en is er geen hoop op het eeuwige leven. Juist met Pasen moet het goede nieuws van de opstanding van Jezus zo konkreet mogelijk verkondigd en bezongen worden!

Mijn vader zaliger was musicus. Hij had meer liturgisch gevoel in zijn kleine teen dan ik in mijn hele lichaam. Hij genoot van de Matthäus-Passion van Bach en van een hoogkerkelijke liturgie. Maar het viel hem telkens weer op: hoe meer Bach in de kerkdienst, hoe minder Evangelie van de kansel. En omgekeerd: hoe volkser de liturgie, hoe voller de verkondiging. ‘Het lijken wel twee communicerende vaten’, zei hij een keer tegen mij.

Dat maakt mij wat huiverig voor nieuwe liederen vol symboliek over de inhoud van het christelijk geloof. Vooral als daarmee andere liederen die konkreet Gods grote daden bezingen, worden weggedrukt omdat ze liturgisch gezien onder de maat zijn. Volgens mij vergeet je dan als kerk, dat het Evangelie juist op de kerkelijke feestdagen het meest tot z’n recht komt als je met bekende liederen zo konkreet mogelijk het heil aan ons verschenen bezingt. Gods heil heeft immers als mens van vlees en bloed handen en voeten gekregen in Jezus Christus?

WILLEKEURIGE KEUZES

Het is trouwens ook raar dat Daar juicht een toon, daar klinkt een stem niet is opgenomen in het nieuwe Geformeerde Kerkboek. Van alle andere liederen die als dubbeling niet meer in het nieuwe Gereformeerd Kerkboek staan, is de koptekst in het nieuwe Liedboek bijna hetzelfde (Gez. 89 ‘Jezus, leven van mijn leven’ = Lied 575 ‘Jezus, leven van ons leven’; Gez. 92 ‘Nu triomfeert de Zoon van God’ = Lied 622). Maar in het nieuwe Liedboek heeft Lied 637 niet alleen een heel andere titel. Onderaan staat ook, dat de melodie van het lied ontleend is aan ‘Daar juicht een toon, daar klinkt een stem’ en gecomponeerd is door César Malan. Bij andere liederen die gemoderniseerd zijn, staat alleen vermeld van wie de melodie afkomstig is. Oftewel: Lied 637 is een ander Paaslied.

Het is ook raar, omdat er wel twee andere ‘dubbelingen’ in het nieuwe Gereformeerde Kerkboek zijn opgenomen. ‘U zij de glorie’ (Gez. 99) is in een moderner jasje (Gez. 209) opnieuw opgenomen, terwijl er ook een nieuwere versie in het Liedboek staat (Lied 634). Als je die twee nieuwere versies met elkaar vergelijkt, zie je meteen dat ze veel meer op elkaar lijken dan ‘Daar juicht een toon, daar klinkt een stem’ en ‘O vlam van Pasen, steek ons aan’.

Een tweede lied dat zelfs in exact dezelfde bewoordingen in beide bundels staat is het lied ‘Christus in het graf geborgen’ (Gez. 207 / Lied 639). “Dat is tegen de uitgangspunten in”, staat in de nieuwsbrief van het Steunpunt Liturgie. “Maar omdat de GKv-kerken die dit lied op hun repertoire hebben staan het kennen met de melodie van Dirk Zwart, staat het toch in de nieuwe bundel, want het LB koos voor een andere melodie.” Merkwaardig! Niet alleen omdat de samenstellers van het nieuwe Gereformeerde Kerkboek blijkbaar eigenmachtig dit soort keuzes mogen maken. Maar ook omdat, als ik het zo inschat, de melodie in het Gereformeerd Kerkboek staat, minder makkelijk te zingen is als de melodie die in het Liedboek staat. Raar dus, dat een amper bekende en weinig gezongen melodie tegen de regels in toch in het nieuwe Gereformeerde Kerkboek geplaatst wordt, terwijl een geliefd Paaslied dat door iedereen rond Pasen uit volle borst meegezongen wordt, moet verdwijnen zonder dat iemand daar ook maar om gevraagd heeft.

Hoe heeft dit kunnen gebeuren? Het is denk ik net als in de politiek. Daar hebben veel van de gevestigde partijen weinig feeling meer met de bevolking, omdat ze in hun Haagse kaasstolp zitten. Qua visie op liturgie lijkt er in onze kerken net zo’n kloof te zijn tussen de besluitvormers rondom liturgie en kerkmuziek (deputaten en steunpunt) en de zondagse kerkgangers. De plaatselijke gemeente is, als het om de gezangen in het nieuwe Gereformeerde Kerkboek gaat, voor mijn gevoel meer kwijtgeraakt dan dat ze erbij gekregen heeft. Het zal er ongetwijfeld aan bijdragen dat er nog minder vanuit de aanbevolen twee bundels (Liedboek 2013 en Kerkboek 2017) gezongen gaat worden. En eigenlijk is dat best wel winst. Want ieder vogeltje zingt zoals het gebekt is – in alle vrijheid kan iedere voorganger en elke gemeente dat heel goed zelf bepalen.

Tenslotte: ik ben blij met een veel hertalingen in het Liedboek 2013 en het Kerkboek 2017. ‘Ik wil mij gaan vertroosten in Jesu lijden groot’ (LvK 174) is in de versie van Jaap Zijlstra ‘Ik wil mij gaan vertroosten in ’t lijden van mijn Heer’ (Lb 562) geworden. En het ‘O wij arme zondaars, bedelaars onrein’ (LvK 175) krijgt een veel positievere insteek als je ‘Glorie zij U, Christus, U leed onze nood’ (Lb 574) zingt. Ook de berijmingen van het Onze Vader (GK 181) en ‘Eigenroem is uitgesloten’ (GK 213) van de hand van door Ria Borkent laten zien hoe nodig het was dat ‘O allerhoogste Majesteit’ en  ‘Alle roem is uitgesloten’ nu definitief vervangen zijn.

 

Avondmaal, Witte Donderdag en de kerkelijke feestdagen

“Doe dit, telkens opnieuw, om Mij te gedenken.”

Lukas is de enige evangelist die deze woorden van Jezus onze Heer vermeld, toen Hij voor het eerst het Avondmaal met de apostelen vierde op de avond voor zijn dood. Van hem heeft ook Paulus het gehoord, en dus haalt Paulus deze woorden van de Heer letterlijk aan als hij de christenen in Korinte opdraagt het Avondmaal te vieren: “Doe dit, telkens opnieuw, om Mij te gedenken.” (Lukas 22:19b / 1 Korintiërs 11:24b)

Hoe doe je dat, Jezus gedenken als je het Avondmaal viert?

Bedenk als eerste, dat onze Heer tijdens het Joodse Pesach aan zijn volgelingen deze opdracht gegeven heeft. Zo maakt Hij duidelijk: Ík ben het Paaslam dat geslacht is. Pesach is het bevrijdingsfeest uit de slavernij van Egypte. Maar het verwijst naar een andere bevrijding: die uit de macht van de zonde. En zoals de Israelieten zichzelf niet konden bevrijden uit de slavernij van Egypte: God moest dat doen, door het bloed van een lam! – zo kan niemand zichzelf bevrijden uit de macht van de zonde: Jezus moet het doen, door zijn dood aan het kruis!

Al Shabi AvondmaalMaar waar denk je dan precies aan, als je aan het Avondmaal je Heer Jezus gedenkt?

  1. Denk aan het Kerstfeest. Bij het Avondmaal staat de geboorte van Jezus centraal. Dan zie je, hoe veel God van zijn wereld en van jou en mij houdt. Jezus daalde neer van zijn troon om mens te zijn. Om zijn leven met ons te delen. Om ons leven over te doen in volmaakte gehoorzaamheid. Denk daar aan.
  2. Kruis Muur AssenDenk aan Goede Vrijdag. Bij het Avondmaal staat de kruisiging van onze Heer centraal. Logisch, zul je zeggen. Maar bedenk ook telkens weer aan, dat de dood van Gods Zoon laat zien hoe diep de zonde in jou en mij zit. Zo diep als Jezus ging – tot in de dood; zo diep zit de zonde ons in het bloed – het leidt tot de dood, lichamelijk en voor de eeuwigheid. Tenzij je gelooft, dat Jezus dat allemaal van ons overgenomen heeft. Dat kostte Hem zijn leven. Denk daar aan.
  3. Denk aan Pasen. Bij het Avondmaal staat de opstanding van Christus centraal. Daar deed Hij het voor: om ons weer terug bij God te brengen. Daar gaat het Hem om: dat ook wij opgewekt voor God leven. Denk daar aan.
  4. Denk aan Hemelvaart. Bij het Avondmaal staat de hemel open. Want daar is Jezus, mens als wij, aan Gods rechterhand. Ook wij mogen nu met vrijmoedigheid naar Gods troon toegaan. Denk daar aan.
  5. Denk aan Pinksteren. Bij het Avondmaal staat de Geest van Christus centraal. Door aan onze Heer te denken, versterkt Hij Zelf ons geloof. Hij bemoedigt ons met kracht in onze ziel. Denk daar aan.
  6. Denk ook aan zijn terugkomst. Bij het Avondmaal hoort ook het verlangen naar de grote dag. Daarom geeft Jezus, onze Heer, ons ook deze opdracht. Zo houden we de moed erin. Straks wordt het perfect. Dan komt Hij terug op de wolken en zullen wij Hem zien zoals Hij werkelijk is. Dan wordt het leven pas echt een feest. Denk daar aan.

Aan het Avondmaal denken we aan Jezus Christus onze Heer door van het brood te eten en van de wijn te drinken. Wees je ervan bewust waarom je dat doet. Wees blij met Kerst, met Goede Vrijdag, met Pasen, met Hemelvaart en met Pinksteren. Laat het zien en kom er voor uit dat Jezus Christus alles voor je is. En durft vooruit te kijken. Vier het Avondmaal tot zijn gedachtenis en totdat Hij komt!

 

GEEF JE GELOOF EEN STEM op 21 maart

‘Geef wat van de keizer is aan de keizer, en geef aan God wat God toebehoort.’ Die uitspraak deed Jezus toen zijn tegenstanders probeerden om Hem een ongeoorloofde uitspraak te ontlokken. Ze vroegen Hem of je als gelovige die alles van God verwacht, ook aan de wereldse overheid moet gehoorzamen. In die tijd was dat een spannende vraag, want het land Israel was al meer dan 90 jaar onderdeel van het Romeinse Rijk. Moet je zo’n dictator die Gods beloofde land bezet gehoorzamen of niet? Moet je als gelovige Jood wel of geen belasting aan de keizer betalen? Jezus zegt dat je beide moet gehoorzamen. Omdat je aan God je leven geeft, je dank en je eer, kun je ook aan de overheid geven wat die nodig heeft om ons land en onze stad goed te besturen.

Verkiezingen 2014In het gedeelte uit Markus 12:13-17 gaat het over belasting betalen. Nog steeds een actueel onderwerp! Maar de toepassing is breder. Op woensdag 21 maart zijn er verkiezingen voor de gemeenteraad, hier in Assen en bijna overal in Nederland.

We leven in een vrij land. We hebben nog steeds alle gelegenheid om als christenen ons geloof te belijden. Niet alleen op zondag in de kerk, maar ook door de week op heel veel manieren. Die vrijheid is een groot goed. Die vrijheid betekent ook een grote verantwoordelijkheid. Daarom krijgen we van de overheid één keer in de vier jaar de gelegenheid om onze stem te laten horen als het om het bestuur van onze mooie stad Assen gaat. Overal hoor je de oproep: “Ga toch stemmen bij de gemeenteraadsverkiezingen!” Ik denk dat wij zeker als christenen dit advies ter harte moeten nemen. Vooral omdat Jezus onze Heer duidelijk zegt (het staat 3x in de Bijbel, ook nog in Matteüs 22:21 en Lukas 20:25): ‘Geef aan de keizer wat van de keizer is.’ Ik denk dat je mag zeggen dat dat voor iedere christen op woensdag 21 maart betekent: geef je stem bij de gemeenteraadsverkiezingen.

Maar Christus zegt er nog iets bij: ‘En geef aan God wat God toebehoort.’ Oftewel: stem niet alleen als burger, maar breng ook als christen je stem uit. Laat zien dat onze God het goede zoekt voor heel de stad en heel de samenleving. Dat doe je volgens mij het best door als christenen op een medechristen te stemmen. Want dan weet je zeker dat ook in de gemeenteraad de Naam van de HERE genoemd wordt. Natuurlijk kun je ook op een niet-christelijke partij stemmen die zegt jouw persoonlijke belangen of het belang van bepaalde doelgroepen te behartigen. Maar heeft zo’n partij ook de eer van God? Laten de raadsleden zich daar samen motiveren door de Bijbel? Bidden zij om de wijsheid van de Heilige Geest om het goede voor de stad te zoeken, zoals  de HERE in Jeremia 29:7 alle gelovigen opdraagt?

ChristenUnie HarmkeAls christenen hun geloof geen stem meer geven, moet je als christen ook niet klagen dat Nederland steeds onchristelijker wordt. Dus geef je geloof een stem op woensdag 21 maart! Stem op een medechristen in wie jij vertrouwen hebt. Iemand die net als Daniël in de politiek niet voor het  eigenbelang gaat. Maar die voor het belang van alle burgers én voor de eer van God uit en op durft te komen. Zoals deze wethouder van onze stad Assen

 

Het ‘Onze Vader’ als voorbeeldgebed voor je eigen gebed

“Heer, leer ons bidden,” vroeg één van de leerlingen eens aan Jezus. Als antwoord gaf Jezus ons één van de twee versies van het ‘Onze Vader’. Hij gaf het ons niet om als formuliergebed uit het hoofd te leren. Nee, het ‘Onze Vader’ staat twee keer in verschillende situaties en in verschillende bewoordingen in de Bijbel. Het is dus een voorbeeldgebed. We mogen het letterlijk bidden – niets op tegen. Maar mooier nog is om het in eigen bewoordingen te bidden. In de catechisatiemethode ‘Ik geloof’ werd in het deeltje over het gebed ook het ‘Onze Vader’ behandeld. Aan het eind van elk hoofdstuk stond een overzicht van wat je allemaal tegen God zegt en aan Hem vraag als je het ‘Onze Vader’ bidt. Volgens mij is het een mooi voorbeeld om je eigen gebed vorm te geven. Daarom plaats ik ‘m graag hier op mijn weblog. Doe er je winst mee in je persoonlijke contact met je hemelse Vader en met Jezus je Redder en Heer.

Bidden gevouwen handen 6x

ALS JE BIDT …

Onze Vader, die in de hemelen zijt

– bid je tot je Vader in de hemel, die tegelijk de almachtige God is

– weet je dat God door Jezus Christus je Vader is geworden

– laat je zien dat je ontzag hebt voor je hemelse Vader

– weet je dat je heel vertrouwelijk met God om mag gaan

– weet je dat God je als zijn kind zal behandelen en voor je zorgt

– weet je dat God elke vergelijking met je aardse vader te boven gaat

 

Uw naam worde geheiligd

– ken je je hemelse Vader als Schepper en Verlosser

– vraag je om Hem nog beter te leren kennen

– weet je dat je, als kind van je Vader, Hem heiligen moet

– wil je dat zelf heel graag, maar weet je ook dat dit je uit jezelf nooit lukt

– bid je daarom of God zelf wil zorgen dat het wél gebeurt

 

Uw koninkrijk kome

– ken je je hemelse Vader als almachtige Koning van hemel en aarde

– vraag je om Gods nieuwe wereld waar alle mensen Hem zullen dienen

– weet je dat je nu al onderdaan van dat koninkrijk mag zijn

– vraag je om kracht om ook nu al naar al Gods goede geboden te leven

– bid je dit gebed in de kerk samen met de andere burgers van Gods rijk

– bid je of God nu al werk van de satan, zijn grote vijand, wil verhinderen

– weet je zeker dat dit koninkrijk eens in volmaaktheid zal komen

 

Uw wil geschiede, zoals in de hemel, zo ook op de aarde

– weet je wat God van je vraagt in zijn Woord

– probeer je Gods wil steeds beter te leren kennen

– vraag je of je mag leren je eigen wil ondergeschikt te maken aan Gods wil

– weet je dat het uit jezelf nooit lukt om Gods wil te doen

– vraag je daarom of God zelf ervoor wil zorgen, dat je ook in alle dagelijkse

zaken zijn wil gaat gehoorzamen

– vraag je of je dat net zo gewillig en van harte mag doen als de engelen

in de hemel

– vraag je dit niet alleen voor jezelf, maar voor alle mensen

 

Geef ons heden ons dagelijks brood

– vraag je om alles wat je voor je lichaam nodig hebt om als christen te leven

– erken je dat al het goede van God komt

– dank je God voor het vele dat Hij jou gegeven heeft

– geloof je dat alles wat je krijgt en wat je doet van Gods zegen afhangt

– weet je dat je niet op iets of iemand anders mag vertrouwen

– weet je dat je een taak hebt ten opzichte van de armen in de wereld

 

En vergeef ons onze schulden, zoals ook wij vergeven onze schuldenaren

– vraag je vergeving voor:

* je zonden   * je zondige aard   * je tekort aan liefde

– doe je een beroep op het offer van Christus

– wil je ook je naaste van harte vergeven

– belijd je dat God zelf die vergevingsgezindheid in je werkt

 

En leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van de boze

– weet je dat je een geestelijke strijd te voeren hebt

– en dat dit een strijd van leven op dood is

– weet je dat je aangevallen wordt door drie doodsvijanden:

* de duivel   * de wereld   * je eigen zondige ik

– besef je dat je uit jezelf deze strijd nooit zult winnen

– bid je om kracht van de heilige Geest; alleen Hij kan je overeind houden

– weet je dat je uitzicht hebt op de eindoverwinning in deze geestelijke strijd

 

Want van U is het koninkrijk en de kracht en de heerlijkheid  tot in eeuwigheid

– toon je daarmee je toewijding aan God

– spreek je daarin je vertrouwen in de Here uit

– belijd je dat God alle middelen heeft om ervoor te zorgen, dat

alles gebeurt, wat je van Hem in het Onze Vader vraagt

 

Amen

– weet je dat God altijd naar je luistert: Hij heeft altijd het beste met je voort

– vertrouw je op de verhoring van je gebed

– erken je dat God je gebed verhoort op een manier die Hij goed voor je vindt

– vraag je of God je ook wil geven, dat je die weg als een goede weg ervaart