“Onbedoeld zwanger? Vier het leven!”

zwanger“Onbedoeld zwanger? Vier het leven!” Dat was de titel van de kerkdienst van zondagmiddag 1 oktober 2017. Op het eerste gezicht misschien een wat gekke slogan, maar de aanleiding was als volgt. In onze kerk preken we nog steeds met enige regelmaat  uit de Heidelbergse Catechismus. Op dit moment zijn we bezig met de behandeling van de Tien Geboden. Het Zesde  Gebod is. Pleeg geen moord. In Zondag 40 van de catechismus worden daarover drie vragen gesteld.

Vraag 105: Wat eist God in het zesde gebod?

Antwoord: Dat ik mijn naaste niet van zijn eer beroof, niet haat, kwets of dood. Dit mag ik niet doen met gedachten, woorden of gebaren en nog veel minder met de daad, ook niet door middel van anderen, maar ik moet juist alle wraakzucht afleggen. Ook mag ik mijzelf geen letsel toebrengen, evenmin mag ik mijzelf moedwillig in gevaar begeven. De overheid draagt dan ook het zwaard om de doodslag te weren.

Vraag 106: Het gaat dus in dit gebod niet alleen om doodslag?

Antwoord: Nee. Door de doodslag te verbieden leert God ons ook dat Hij afgunst, haat, toorn en wraakzucht als de wortel van deze zonde haat en dat dit alles voor Hem doodslag is.

Vraag 107: Maar is het genoeg dat wij onze naaste, zoals gezegd, niet doden?

Antwoord: Nee, want terwijl God afgunst, haat en toorn verbiedt, gebiedt Hij dat wij onze naaste liefhebben als onszelf, jegens hem geduldig, vredelievend, zachtmoedig, barmhartig en vriendelijk zijn, zijn schade zoveel mogelijk voorkomen en dat wij ook onze vijanden goed doen.

Wat bij mij bleef haken toen ik deze woorden op me liet inwerken waren de zinnetjes: Ik mag mijzelf geen letsel toebrengen en evenmin mag ik mijzelf moedwillig in gevaar begeven. De overheid draagt dan ook het zwaard om de doodslag te weren. Ik dacht: als God het niet goed vindt om jezelf iets aan te doen, dan geldt dat toch zeker voor het ongeboren leven dat een aanstaande moeder met zich meedraagt! En ik dacht daarbij: wat voor overheid hebben we eigenlijk hier in Nederland, die toestaat dat van de 200.000 baby’s die geboren hadden kunnen worden, zo’n 30.000 in de moederschoot worden vermoord. Hoezo ‘doodslag weren’? Het is eerder ‘doodslag stimuleren’! En zo kwam ik uit bij vragen rondom abortus. Dat is al 50 jaar heel normaal in Nederland. En toch went het nooit. Er blijft altijd veel over te doen. Zeker ook de laatste tijd. Maar wat vind ik er eigenlijk zelf van? En wat voor standpunten neem jij in? Dus besloot ik om mij ook maar eens aan een Kahoot-quiz wagen. Met vijf vragen.

Abortus is moordVraag 1 sluit aan op het Zesde Gebod: ‘Pleeg geen moord.’ Nou, schreef een jonge moeder mij een keer, dat geldt zeker voor abortus, want ook al vindt heel Nederland het zo normaal als wat: “Abortus blijft wat mij betreft hoe dan ook moord!!!” (de drie uitroeptekens zijn van haar)

  1. Hier ben ik het helemaal mee eens
  2. Hier kan ik mij totaal niet in vinden
  3. Dat is per situatie verschillend

Toch zijn er veel verschillende situaties waarin er voor een abortus gekozen wordt. Vraag 2 was daarom : wanneer vind jij dat een abortus wél zou mogen?

  1. Als het leven van de moeder serieus gevaar loopt.
  2. Bij antwoord 1) én na een verkrachting
  3. Bij antwoord 1) en 2) én als het kind een zware handicap heeft
  4. Als de moeder goede redenen heeft om geen kind te krijgen

Abortus onbedoeld zwangerVraag 3 ging over tienerzwangerschappen. Ook in Nederland komt dat nog steeds veel voor. Wat moet je dan doen? Neem de volgende situatie: Sandra van 17 wordt onbedoeld zwanger. Ze heeft geen vaste vriend. Ze woont op kamers en is net aan een goede opleiding begonnen. Terug naar huis kan niet, want haar ouders zijn gescheiden. Ze overweegt een abortus en vraagt wat jij zou doen. Wat voor advies geef jij?

  1. “Het is jouw keus. Denk er goed over na.”
  2. “Als je je kindje laat weghalen, zondig je heel erg tegen God.”
  3. “Ik begrijp heel goed dat jij in jouw situatie voor een abortus kiest.”

Een andere reden om voor abortus te kiezen is de kans dat je kind gehandicapt is. Tegenwoordig is er veel te doen rondom de NIP-test. Daarom kan het syndoom van Down vroegtijdig ontdekt worden. Wat doe je dan? Bij vraag 4 keken we eerst naar een interview (minuut 13:05-13:25) met een jonge vrouw die het Down-syndroom heeft. Ze komt uit Denemarken, waar al bijna geen Down-kinderen geboren worden. Aan de hand daarvan kwam Vraag 4: ‘Als ik van te voren zou weten dat ons kind het Down-syndroom heeft …’

  1. Zou ik mijn kind zonder meer houden.
  2. Zou ik het een hele moeilijke keus vinden.
  3. Zou ik waarschijnlijk voor een abortus kiezen.

De laatste vraag ging over David en de relatie die hij met zijn buurvrouw Batseba kreeg. Toen ze onbedoeld zwangerschap werd, deed David er alles aan om het te verdoezelen.. Stel nou eens dat David in onze tijd geleefd had? Wat zou hij dan gedaan hebben? Dat was Vraag 5: Als David in onze tijd geleefd had, had hij bij Batseba vast aangedrongen op een abortus.

  1. Ja, want David wilde kost wat het kost de schijn ophouden.
  2. Nee, want David was ook in zijn zwakheid een gelovige koning.
  3. Geen idee, gelukkig maar dat David niet voor die keus stond

Het verhaal van David en Batseba staat in 2 Samuel 11. En zoals een zwangerschap niet verborgen kan blijven, kwam ook deze enorme misstap van David uiteindelijk toch aan het licht. 2 Samuel 11 eindigt namelijk met de zin: “Naar het oordeel van de HERE was het wel degelijk slecht wat David gedaan had.” Dus komt de profeet Nathan bij David en vertelt hem wat voor grote zonden (moord en doodslag) David begaan heeft. Je kunt het nalezen in 2 Samuel 12:1-25.

Bij de laatste Kahoot-vraag over David ligt het misschien voor de hand om als antwoord te geven: Geen idee of David op een abortus zou hebben aangedrongen als hij in onze tijd geleefd had. Maar ik heb zo’n bang gevoel dat het antwoord Ja, want David wilde kost wat het kost de schijn ophouden wel eens dichter bij de waarheid zou kunnen zitten. Als je ten einde raad bewust je buurman om het leven laat brengen, ben je volgens mij ook bereid om een ongeboren kindje op te offeren voor je goede naam en karrière.

Abortus hopeloosBij dit gedeelte moest ik denken aan het andere zinnetje uit de catechismus: tegenover ‘niet doodslaan’ staat ‘je naaste liefhebben en zijn schade zoveel mogelijk voorkomen. Maar weet je wat het is? Veel mensen willen hun eigen schade of nadeel of ongemak zoveel mogelijk beperken. Dat zag je bij David. Dat zie je vandaag nog steeds. Ten koste van, als het echt niet anders kan, andermans leven. En hoe zwakker en kwetsbaarder dat leven is, hoe gemakkelijker dat gaat. En dan kom je op 30.000 abortussen per jaar in Nederland.

Nu geldt er in Nederland een verplichte bedenktijd van vijf dagen om aan te geven dat abortus een ingrijpende zaak is waar je niet zo maar voor kiest. In België wordt zelfs de term ‘noodsituatie’ gebruikt. Maar uit onderzoek (bron: katholiekforum) blijkt dat die noodsituatie in 95% van de gevallen onder één van de volgende categorieën valt: *momenteel geen kinderwens; * de vrouw voelt zich te jong; * voltooid gezin; * ‘ideaal’ kindertal bereikt. Zijn dat noodsituaties die het ombrengen van jong leven wettigen?

Embryo gezichtIn de Bijbel vertelt God ons, dat het leven al in de moederschoot begint. Daarom staat er in Exodus 21:22 een regel, dat er schadevergoeding moet worden betaald aan een vrouw, als ze door de schuld van iemand anders een miskraam krijgt. En hoe mooi bezingt David in Psalm 139:13-18 dat God het Zelf geweest is, die hem als jongste en 7e zoon van 9 kinderen (hoezo ‘voltooid gezin’) die hem in de buik van zijn moeder weefde – “wonderbaarlijk is wat U gemaakt hebt.” In Jeremia 1:5 kunt je lezen hoe God Jeremia al in de moederschoot voorbestemd had als zijn profeet. In het Nieuwe Testament lees je in Lukas 1:41-45 over de kleine Johannes die in de buik van zijn moeder Elisabeth een vreugdedansje maakt als Maria plotseling op bezoek komt. Ze is nog maar net in verwachting, maar toch noemt Elisabeth haar al ‘de moeder van mijn Heer’. En later, in Markus 10:13-16, neemt Jezus Zelf kleine kinderen als voorbeeld. In de volwassen wereld van toen telden die niet mee. Maar bij God en bij Jezus wel! Juist wat zwak is, is kostbaar in Gods ogen!

Vandaag zijn de ongeboren kinderen de zwaksten in de samenleving. Hun leven mag geen naam hebben. Je laat immers alleen maar ‘iets’ weghalen? En het heeft geen enkele bescherming – het recht van de sterkste zegeviert. En als je denkt: maar elke vrouw mag toch zelf de beslissing nemen om het te houden of niet, zeker na een verkrachting of als je weet dat het kind een ernstige handicap zal krijgen … zelfs dan geef ik iedereen het advies daar nog eens goed over na te denken. Volgens mij zit je heel snel op een glijdende schaal. Als mensen spelen we voor God als wij de kwaliteit en levenskansen bepalen van een baby die met een achterstand geboren wordt. David heeft in een andere psalm, Psalm 31, gezegd: ‘Mijn tijden zijn in Gods hand.’ Als mensen elkaars leven in hun hand gaan nemen, is dat volgens de Bijbel moord. Dat geldt ook voor abortus. Zeker als de voornaamste reden is, dat deze zwangerschap echt niet bedoeld was of gelegenheid komt.

David Batseba ChagallMaar dan moet je er wel iets bij zeggen. Twee dingen eigenlijk. In het verhaal van David is Batseba de grote afwezige, lijkt het wel. OK, ze was er zelf bij toen ze onbedoeld zwanger werd. Maar had ze veel keus? Mannen veroorzaken vaak de ellende, maar daarna zie je ze niet meer. In de tijd van Jezus zie je dat ook. In Johannes 8:1-11 brengen de joodse leiders een vrouw bij Jezus die betrapt is toen ze vreemd ging of in het bordeel lag te rotzooien. Volgens de wet van Mozes moeten er dan twee mensen voor de rechtbank worden aangeklaagd vanwege overspel. Maar men brengt alleen het hoertje bij Jezus. Zo gaat het vaak: de vrouw wordt niet gehoord (zoals bij Batseba) of de vrouw staat er alleen voor (zoals dat hoertje). Vandaag gebeurt nog steeds hetzelfde. En natuurlijk, je bent er altijd zelf bij geweest als je zwanger raakt. Alleen bij verkrachting en bij incest is het echt tegen je eigen wil. Maar als iedereen je laat stikken zodra er zich nieuw leven aandient, vind je het dan gek dat de druk om een abortus te ondergaan zo groot wordt, dat veel vrouwen het ook doen?

Wat is dan een goede, bewogen houding? Nou, dat is het tweede: kijk naar hoe Jezus met die vrouw omgaat. Hij zegt niet tegen haar dat zij zo’n grote zondaar is. Dat zegt Hij juist tegen de mannen om haar heen. Hij zegt wel twee andere dingen tegen haar. Als eerste: ‘Ook Ik veroordeel je niet.’ En als tweede: ‘Ga maar, en zondig vanaf nu niet meer.’ Dat vind ik mooi. Jezus zegt eigenlijk tegen haar: ‘Ondanks wat er gebeurd is, vier het leven!’ Maar, zegt Hij erbij, stapel geen zonde op zonde. Dus als je onbedoeld zwanger bent, of misschien zelfs wel ongewenst … je wilt daarnaast toch ook niet nog de moord van je kindje op je geweten hebben?

Sterker nog … dat willen we toch samen niet? Gelukkig zijn er alternatieven. ChavahBijvoorbeeld het initiatief om tienermoeders die er alleen voor staan, op te vangen. In Groningen kan dat sinds ruim een jaar bij “CHAVAH” – een leef- en leerhuis voor jonge moeders. Op www.chavah.nl vind je meer informatie. In de kerkdienst van 1 oktober gaf Taeke Venema, één van de oprichters van Chavah, een mooie presentatie over hun missie en hun werk. Jonge meiden die onbedoeld zwanger geraakt zijn, komen tot rust en leren het leven –van hunzelf en van hun kleine– weer te  vieren. Bekijk eens de introvideo van Chavah op YouTube (klik hier). Meeleven kan altijd. Meehelpen ook. En bidden natuurlijk. Voor iedereen die onbedoeld zwanger is  En voor al het ongeboren leven.

 

Advertenties

‘Laat ons de rustdag wijden’ – welke rustdag (sabbat of zondag) en waarom?

De meeste christenen vieren de zondag als rustdag. Het is ‘de dag des HEREN’ zoals we het plechtig uitdrukken. Maar wat is de reden, dat God in de Tien Geboden ons oproept de rustdag te onderhouden? Je kunt je er van afmaken door te zeggen: ‘Dat is toch wel duidelijk. Omdat God het wil en goed voor ons vindt. Het staat in het vierde gebod. Zes dagen werken, één dag rust.’ Toch is dat net even te gemakkelijk. Want de Tien Geboden staan twee keer in de bijbel. In nagenoeg dezelfde bewoordingen. Alleen bij het Vierde Gebod worden er twee verschillende motiveringen gegeven om de sabbat te vieren. Dus dat is probleem 1. Probleem 2 is de vraag: waarom zijn de meeste christenen overgestapt van de sabbat naar de zondag als HEER-lijke dag?

Exodus en Deuteronomium

De eerste keer dat we de Wet van God in de bijbel tegenkomen, is in Exodus 20. Daar ontvangt Mozes bij de verbondsslui­ting op de berg Sinai de twee stenen platen met de Tien Woorden van het verbond die God er eigenhandig in gegraveerd heeft. In Deuteronomium 5 komen we de Wet van de HERE opnieuw tegen. Daar worden de Tien Geboden door Mozes her­haald vlak voor de intocht in het land Kanaän. Dat is veertig jaar later. Beide keren wordt er een andere reden gegeven waarom gelovigen zich aan het Vierde Gebod moeten houden.

In Exodus 20 staat: 8 Houd de sabbat in ere, het is een heilige dag. 11 Want in zes dagen heeft de HEER de hemel en de aarde gemaakt, en de zee met alles wat er leeft, en op de zevende dag rustte hij. Daarom heeft de HEER de sabbat gezegend en heilig verklaard.

In Deuteronomium 5 staat: 12 Neem de sabbat in acht, zoals de HEER, uw God, u heeft geboden; het is een heilige dag. 14b Want uw slaaf en slavin moeten evengoed rusten als u. 15 Bedenk dat u zelf slaaf was in Egypte totdat de HEER, uw God, u met sterke hand en opgeheven arm bevrijdde. Daarom heeft Hij u opgedragen de sabbat te houden.

Waarom twee verschillende redenen?

Hoe is die geheel verschillende motivering van het Vierde Gebod nu te verklaren? In de loop der tijden zijn er veel oplos­singen voor dit probleem aangedragen. Hier volgen de drie belangrijkste.

  1. De meest eenvoudige verklaring is deze: we nemen aan dat in Exodus 20 de precie­ze tekst van de Tien Geboden staat. In Deuterono­mium 5 heeft Mozes bij de herhaling van de Wet zich enige vrijheid veroor­loofd. Daarbij werd hij geleid door Gods Geest. Op zich is deze veronderstelling wel te verdedigen. Er zijn zo’n twintig verschillen tussen de tekst van de Tien Geboden in Exodus 20 en in Deuteronomium 5. Waarschijnlijk heeft Mozes bij de herhaling een paar keer een woord vervangen (‘Hou de sabbat in ere’ wordt ‘Neem de sabbat in acht’) en heeft hij een enkele keer de volgorde van een zin omgekeerd of een kleine toevoeging erbij gegeven. Zulke kleine ver­schil­len treffen we ook in het Nieuwe Testament aan wanneer de bijbelschrijvers citaten uit het Oude Testament aanhalen. Hier is het verschil alleen wel zo groot, dat we Mozes ervan zouden moeten be­schul­digen, dat hij een heel andere reden voor de sabbat zou hebben bedacht.
  2. De tweede verklaring is deze: in Exodus 20 hebben we met de echte tekst van de Tien Geboden te maken. In Deuteronomium 5 is sprake van een eerste uitleg en toepassing van Gods Wet door Mozes. Maar zowel in Exodus 20 als in Deuteronomium 5 wordt ons voorgehouden, dat God ‘deze woorden‘ sprak. Waaraan ontlenen wij dan het recht om te zeggen: in Exodus 20 spreekt de HERE en in Deuteronomium 5 spreekt Mozes, die door Gods Geest geïnspireerd is. De bijbel noemt in beide gevallen de HERE als enige spreker.
  3. De derde verklaring is deze: zowel de verwijzing naar de schep­ping in Exodus 20 als de verwijzing naar de uittocht in Deuteronomi­um 5 horen níet bij de Tien Geboden zoals de HERE Zelf die op de stenen platen gegrift heeft, maar zijn er later aan toegevoegd. Anders gezegd: het Vierde Gebod is oorspronkelijk korter geweest. Het is ook moeilijk voor te stellen, dat de beide versies naast elkaar op dezelfde stenen plaat van de Wet gestaan hebben. Daar komt nog een argument bij: in het eerste gedeelte van het Vierde Gebod is de HERE Zelf aan het woord. Hij spreekt ons toe in de eerste per­soon: ‘Hou de sabbat in ere / Neem de sabbat in acht’. Als daarna de motivering volgt, wordt er over God gesproken in de derde per­soon: ‘Want in zes dagen heeft de HERE …’ en ‘… totdat de HERE, uw God, u … bevrijdde’. Als je aanneemt dat het in beide gevallen om een toevoeging van Mozes gaat, is de persoonswisseling helemaal niet vreemd, maar ligt zij voor de hand.

Deze derde oplossing spreekt mij het meest aan. Het lijkt heel radi­kaal. Maar het gaat erom, dat je als gelovige eerbied hebt voor de eenheid van de bijbel. Daarom moet je het verschil tussen Exodus 20 en Deute­ronomi­um 5 respekteren en mag je niet zeggen, dat één van de twee versies minder belang­rijk of minder origineel is. Beide motive­ringen van het sabbatsgebod zijn door de Heilige Geest ingegeven en hebben door zijn leiding een plaats in de bijbel gekregen, ook al ontbraken ze op de stenen tafels. Deze opvatting wordt ook verdedigd door prof. J.P. Lettinga, die Hebreeuws gegeven heeft aan onze Theologische Universiteit. Zijn argumenten staan in het boek ‘De Tien Geboden deel 1’ van prof. J. Douma, blz. 148-151.

De bedoeling van de rustdag

Maakt het nu veel uit, welke reden gegeven wordt, waarom wij van de HERE één dag in de week moeten rusten van ons werk? Ik denk van niet. De motivering van het Vierde Gebod om de rustdag te houden is wel verschillend, maar niet met elkaar in tegen­spraak. Integendeel, ze vullen elkaar aan. De verwijzing naar de schepping geeft aan, dat ook God uitrustte na zes dagen werken. Zo mogen wij, als kinderen van God, ook uitrusten en adem scheppen na onze werk­week. We hoeven geen slaven van ons werk te zijn. Daarom wordt ook naar de bevrijding uit de slavernij van Egypte verwezen.

Maar in beide gevallen gaat het om meer dan uitrusten op zich. Er wordt niet voor niets naar God verwezen. Hij is onze Schepper en Verlosser. Daarom mogen we op de rustdag Hém niet vergeten. Integen­deel: ’t Is goed de HEER te loven, zijn dag zij Hem gewijd’ zingen we in Psalm 92. De Israelieten moeten de sabbatdag heiligen = apart zetten, en onderhouden = in ere houden om aan God te denken. Alleen bij Hem komen we pas echt tot rust en weer op adem.

Van sabbat naar zondag

Een ander punt is de vraag, waarom in de chris­telijke kerk de zondag in de plaats gekomen is van de sab­bat. Over die kwestie zou een veel bredere bespreking op z’n plaats zijn dan ik in dit artikel geven kan. Wie er meer over wil lezen kan terecht bij de bespreking van het Vierde Gebod door J. Douma in ‘De Tien Geboden deel 2’.

Heel kort, krachtig en kernachtig gezegd is de overgang als volgt te verklaren: de opstanding van onze Heer Jezus Christus is Gods allergrootste werk, dat Hij voor ons en in ons verricht heeft. Door zijn opstanding heeft Jezus je bevrijd uit de macht van de zonde en uit de slavernij van satan. Dat is een grotere verlossing dan de bevrijding uit Egypte. Door zijn opstanding legt Jezus het funda­ment voor de herschep­ping van alle dingen. Dat begint al in dit leven. Door de opstandingskracht van Jezus kom je tot geloof en word je nu al opgewekt tot een nieuw leven; en dat zal voltooid worden op de dag van Chris­tus’ terugkomst, want dan volgt het leven in de nieuwe hemel en op de nieuwe aarde. Dan heb je het einddoel van je geloof bereikt: je redding (1 Petrus 1:9). Dan breekt ook de blijvende rust aan: het eeuwige leven bij de HERE, onze God (Hebreeën 4:9-10).

Dus vieren de meeste christen de zondag als feestdag en rustdag om Gods grote daden te gedenken: de schepping in zeven dagen, de bevrijding uit Egypte en de opstanding van Jezus Christus onze Heer. Want nu de Heer is opgestaan, nu vangt het nieuwe leven aan: een leven door zijn dood bereid, een leven tot in eeuwigheid. (Gezang 95:4)